Ik heb een lichaam met een zeer geschikte vorm,
waarmee ik voor geen mens op aard tot last kan zijn.
Het is immers maar nauwelijks vier vingers lang,
daaruit bestaat mijn fijngevormde lichaamsbouw.
Vandaar dat ik in kerken nestjes bouwen mag
en in de mensenhuizen voor mijn jongen zorg.
De boeren breng ik nieuwe vreugden met mijn komst,
want kwetterend roep ik: splijt de kale grond uiteen.
En breng ik in hun huis een beetje klei bijeen,
dan geld ik – tevergeefs – als bode van geluk.
Maar de natuur schonk mij een wonderlijk geheim
waardoor ik bij mijn kroost het zicht herstellen kan.
In die kunst ben ik zelfs Pythagoras de baas,
bij wie een blinde vruchteloos genezing zoekt.
Vandaar ook dat een plant die alom welig groeit,
zelfs bij de stad, zijn naam ontleent aan onze naam.
De oudste naam ervan, die vindt men in het Grieks,
‘hirundinea’ komt van zwaluw in ’t Latijn.
Ik zet u, lezer, graag mijn levenswijs uiteen
opdat u meer bewondering voor de Schepper krijgt.
Wanneer het lover komt, en wind de bloemen brengt,
dan kom ik ook, en vind bij mensen onderdak.
Daar maak ik dan een nest dat iedereen kan zien
– dat speelt een luie, onbedreven hand niet klaar.
Mijn pasgeboren, lieve jongen schuilen daar,
totdat ze volgen kunnen door de wijde lucht.
Ik neem die schare mee, we slaan de vleugels uit,
en onvermoeibaar vlieg ik zo de hele dag.
En dat is niet voor niets, want zweef ik door de lucht,
dan lacht de hemel blij het dichte koren toe.
Maar raak ik met m’n vleugels ’t modderig moeras,
beuk jij het land, Aeolus, met je regenvlaag.
Verkilt daarna de zon, en komt de herfst met sneeuw,
dan drijft het vaderland me weg, of vlucht ik zelf.
Bekommer me niet meer om nest of gastvrij huis,
maar volg ik instinctief mijn eigen levensweg.
In verre grotten schuil ik voor de koude wind
en geef aldus een treffend beeld van de natuur.
O mens, beschouw toch het mysterie der natuur,
waardeer dan het geschenk van uw beschaafd bestaan.
De rede heerst in u, maar ik ben redeloos.
U leeft ook na de dood, mijn leven eindigt hier.
Weest gij net zo mijn meerdere
in ’t volgen van uw Scheppers wet
want dat beval de Schepper zelf.
[bron]



Geen opmerkingen:
Een reactie posten